De mienskip van Oosterschelling

Eilandbewoners zijn van oudsher meer op elkaar aangewezen dan mensen op de wal. Dat is anno 2015 nog steeds goed te zien op de oostkant van Terschelling, door de bewoners zelf Oosterschelling genoemd. Zo geldt daar de burenplicht, spreken (vooral de oudere) bewoners Aasters en gaan ze ‘Op ‘e riid’.

Tekst Ines Jonker Beeld Wendy Kennedy

Hij heet Jan Zorgdrager, maar iedereen op Terschelling kent hem als ‘Jan van Akke’, genoemd naar zijn moeder die op 17 oktober haar laatste adem uitblies in Formerum. ,,Op 6 uur na is ze 102 geworden’’, vertelt haar 67-jarige zoon, nummer 7 in het eilander gezin van tien kinderen.

Jan Zorgdrager

Koster Jan Zorgdrager

Vader Cees was boswachter op het eiland, Jan trad in zijn voetsporen. ,,Ik was de enige van de kinderen die geïnteresseerd was in natuur’’, vertelt de inmiddels gepensioneerde bosopzichter.

Koster

Net als veel eilandgenoten had Zorgdrager meer dan één baan. Al sinds 1974 is hij koster van de Sint Janskerk in Hoorn. Hij is trots op ‘zijn’ kerk, een van de oudste gebouwen van Terschelling. ,,Daar zit een mooi verhaal aan vast’’, vertelt hij enthousiast.

Monniken

,,Het was ooit deel van het klooster van Lidlum, gelegen aan de waddenkust op de wal. De monniken hielden zelf vee en op een dag raakte er een koe kwijt. Een monnik ging zoeken, verdwaalde in de avondmist en ging het wad op. Zo belandde hij vooraan op de Boschplaat op Terschelling. Daar liep de koe, die inmiddels had gekalfd. De monnik keerde de volgende dag terug naar de wal en verkondigde: wij moeten naar de overkant, daar staat het gras veel hoger! Dus werd er een kapel gebouwd op deze plek, die in 1230 in gebruik werd genomen.’’

Processie

De plek waar de monnik de koe aantrof, kreeg de naam Sint Janshoek. Gelovigen gingen er in processie naartoe, met een beeld van Johannes de Doper.

Zorgdrager: ,,Nog steeds is dit een geliefd plekje bij Terschellingers. Als zij ‘Op ‘e riid’ gaan, dus met paard en wagen de natuur in trekken, gaan ze vaak hierheen.’’

Op ‘e riid

Op'e riid 1   Op'e riid 2

Op'e riid 3   Op'e riid 4

Op'e riid 5   Op'e riid 6

Vrijwel elke vereniging op Oosterschelling heeft zijn eigen ‘Op ‘e riid’. De leden gaan dan met paard en wagen naar de Grië op de Boschplaat, om daar te dansen en te zingen, lekker te eten en te drinken.


Burenplicht

Op Oosterschelling geldt nog altijd de burenplicht, de zorg die bewoners voor elkaar hebben. Zorgdrager: ,,Die was vroeger veel uitgebreider dan nu. Als een boer bijvoorbeeld geen tijd had om zijn aardappels te rooien of te hooien, dan hielpen de buren.’’

Tegenwoordig bestaat de plicht vooral uit het zelf ten grave dragen van de doden; begrafenisondernemingen komen er niet aan te pas op Oosterschelling. Acht buurmannen van de overledene gaan van deur tot deur om het bericht van overlijden over te brengen: de complementen van de familie.

De buurmannen dragen ook de baar, en een buurvrouw zorgt voor koffie en thee na de uitvaart.

Mannengemeenschap

Net als de dorpen Lies en Oosterend heeft Hoorn een eigen bestuur, de buren. ,,Dat is een mannengemeenschap die de eigendommen van het dorp beheert, in de regel weilanden die verpacht worden.’’

Eén keer per jaar, op een zaterdag rond de jaarwisseling, is het rekendag. Als het officiële gedeelte achter de rug is, is het tijd voor de warme ketel: een eilander drank gemaakt van bruin bier, brandewijn en bruine suiker, verwarmd in een ketel. Het oudste burenlid krijgt het eerste glas.

Burenbier

De dinsdag na dit mantsjebier (voorvergadering) is het burenbier. Dan worden er besluiten genomen over de agendapunten die zaterdag besproken zijn, en dan wordt het jaarverslag voorgelezen met de belangrijkste gebeurtenissen van het jaar.

Richard van der Veen (54) is de skriuwer van de buren van Hoorn: ,,Je kunt de buren zien als een tussenlaag tussen individuen en de overheden. Als iemand bijvoorbeeld vindt dat er ergens een lantaarnpaal moet komen, kan hij of zij dat inbrengen bij de buren en vaak kan het dan via de gemeente geregeld worden. Maar het is niet zo dat de buren van Hoorn de sluiting van het postkantoor kunnen tegenhouden. Dat is landelijk beleid, niet bedacht door de gemeente. In zo’n geval kijken we of we dingen praktisch kunnen oplossen, bijvoorbeeld door postzegels langs te brengen bij ouderen.’’

Bedelbrief

De buren delen ook uit; geld dat afkomstig uit de opbrengst van de pacht. In december kunnen verenigingen een bedelbrief schrijven, in januari bepalen de buren waar ze geld aan zullen geven. Van der Veen wil niet zeggen hoe groot het budget is. ,,Maar we zijn niet arm.’’ Voorwaarde voor de schenking is dat die ten goede komt aan het dorp, of aan de mensen uit het dorp.

Van der Veen is ook een van de mensen die het Aasters, het plaatselijke dialect, in leven houden. Dus schrijft hij de notulen van de buren in het Aasters en leest hij ook het jaarverslag in deze taal voor.

Richard van der Veen leest in het filmpje hieronder een stukje voor uit het jaarverslag van ‘de buren’, in het Aasters. Het gaat over een oudere vrouw die werd vermist. Er werd massaal door de eilanders naar haar gezocht.

Schoolkinderen

Jarenlang gaf hij schoolkinderen les in het Oosterschellings en de gebruiken en geschiedenis van Aast-Terschelling. Anderhalf jaar geleden stopte hij hiermee. ,,Mijn lessen leidden er niet toe dat de taal meer werd gesproken. Op het laatst vroegen de kinderen zelfs: kan ’t niet in het Hollands? Taal valt of staat toch met de mensen, en taal moet met de toekomst meegaan.’’

Ooit sprak iedereen in dit deel van het eiland Aasters, dat sterk lijkt op het Fries. Volgens een telling uit 2000 waren er nog 150 mensen die het dialect spraken, een van de drie op het eiland naast het Westers en het Midslands.

Kerkhof maaien

Alhoewel het volgens de dorpsbewoners minder wordt met het mienskipsgevoel, onder andere als gevolg van de import, bestaat het nog steeds. Jan Zorgdrager: ,,Eens in de drie weken zet ik een advertentie in de Terschellinger waarin ik vrijwilligers vraag voor het kerkhof maaien. Iedere keer komen er 12 tot 25 man op af. Na een uur maaien is de koffie klaar, staat er een kratje bier op tafel en dan komen de sterke verhalen.’’

Zie ook:

Terschelling heeft overal een club voor


Het hoofdthema van Lwd2018 is iepen mienskip. Daarom onderzoeken Ines Jonker (Leeuwarder Courant) en Wendy Kennedy (Omrop Fryslân) voor Finster op Fryslân het fenomeen mienskippen. Wat voor mienskippen zijn er en hoe open zijn ze, de historie en hoe zit het met de gemeenschapszin in onze samenleving. Dit is een greep uit de invalshoeken die onder meer aan bod komen in deze serie.

Geschreven door
Ik ben nieuwsverslaggever en programmamaker bij Omrop Fryslân. Ik werk veel als camjo (camera journalist) en experimenteer binnen Finster op Fryslân daarnaast als mojo (mobile journalist) door te filmen met een mobiele telefoon.

1 reactie

  1. Mooie opname met Jan van Akke

    Reageer

Laat een reactie achter

Jouw email adres wordt niet gepubliceerdVereiste velden zijn gemarkeerd met een

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>